‘De één is gek van auto’s, de ander van draaiorgels’

feb 18 • Op stap in Haarlem • 26851 Views • Geen reacties op ‘De één is gek van auto’s, de ander van draaiorgels’

Draaiorgelmuseum 2Voor de jonkies onder ons misschien ondenkbaar: maar er was een tijd waarin radio’s, cd-spelers en iPods nog niet bestonden. Draaiorgels, die waren toen mateloos populair. Gelukkig zijn deze instrumenten nog altijd te bewonderen in het Draaiorgelmuseum aan de Küppersweg. Samen met bestuurslid Jan Kees de Ruijter nemen we een duik in de geschiedenis.

“Voor 1930 kwam de enige muziek die men op straat hoorde van draaiorgels. Al van verre hoorde je het orgel aankomen. Vrouwen en kinderen renden naar buiten en gingen dansen”, vertelt Jan Kees enthousiast. In de Tweede Wereldoorlog verandert dit compleet. Van de Duitse overheerser mag het instrument de straat niet meer op. “Na de oorlog hadden mensen geen tijd meer voor orgels. Het land weer opbouwen, dat moesten ze. Bovendien hadden mensen thuis inmiddels radio’s, klonk op de kermis  muziek uit geluidsinstallaties en danszalen waren voorzien van jukeboxen.” Ze raken uit de gratie. Het gevolg: orgels worden gesloopt of achter gelaten in schuren. “Liefhebbers vonden dit verschrikkelijk. Zij probeerden een stadsorgel voor Haarlem te krijgen. Ergens in een schuur stond een kapot draaiorgel. Muziek kwam er niet meer uit en er zaten zelfs scherven van granaten in. Maar de initiatiefnemers namen het mee om te restaureren.” Vervolgens staat het instrument jaren in een klein pakhuisje aan de Lange Wijngaardstraat.

Draaiorgelmuseum 3Dagelijks dweilen
In 1964 is er een doorbraak: het draaiorgel speelt weer! Ook heeft één van de liefhebbers zelf een orgel op de kop getikt. Met twee van deze bijzondere instrumenten in hun bezit, komt er behoefte aan een plek om de pareltjes tentoon te stellen. “In 1969 lukt dit. Er wordt een stichting opgericht en van de gemeente huren we een loods in de Werfstraat. Dit is het begin van het museum. Er komen steeds meer orgels bij, mensen komen kijken en we krijgen donaties. Maar toen het pand zo in verval raakte dat we elke dag water moesten opdweilen, moesten we weer op zoek naar iets anders.” In 2004 betrekt het museum de huidige locatie aan de Küppersweg 3. Een groot pand in de Waarderpolder is geheel gevuld met de instrumenten. “Vijf orgels zijn van onszelf, de rest hebben we in bruikleen. Dit zijn geen orgels die je op straat ziet. Het volume dat uit deze instrumenten komt, wordt tegenwoordig minder geaccepteerd.” Het absolute topstuk van de collectie is een orgel van wel vijf meter hoog (zie foto 2).“ Er zijn er maar twee van dit type en daarnaast is hij gewoon heel groot en loodzwaar! We hebben hem wel eens moeten op– en afbreken, maar dat is bijna geen doen. Door de grootte schuilen er wel 112 toetsen en ruim 800 orgelpijpen in het instrument. Er komen veel soorten muziek uit, zelfs het nummer Gangnam Style!”

IMG_4712 - kopieAan de grond genageld
Inmiddels heeft het museum al behoorlijk naam gemaakt. Het is elke zondag open en mag dan negentig mensen verwelkomen. Doordeweeks is het een plek voor verjaardagsfeesten, trouwerijen en Nederlandse reisverenigingen. Maar ook buitenlanders weten de weg naar het muzikaalste adres van Haarlem te vinden. “Er is een groepje Engelsen dat ons elke maand bezoekt en er zijn ook speciale busreizen vanuit Engeland”. Daarnaast organiseert de stichting elke Tweede Pinksterdag Haarlem draai door, een draaiorgelevenement in de stad. Maar waarom zijn draaiorgels nou zo bijzonder dat men van mijlen en ver naar Haarlem trekt? “Dat is heel moeilijk uit te leggen. Dit instrument trekt je gewoon of niet. Kinderen staan aan de grond genageld als ze een orgel zien, maar zodra ze ouder worden is het niet meer stoer. Sommigen houden echter nooit op met het leuk vinden. De één is gek van auto’s, de ander van draaiorgels.”

 

Het museum is iedere zondag van 12.00 tot 18.00 uur geopend en de toegang is gratis. Elke week worden er verschillende activiteiten georganiseerd. Zie voor meer informatie en de agenda de website van het Draaiorgelmuseum Haarlem.

Tekst en fotografie: Denise van Vliet 

Related Posts

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

« »